Taal is een ladder: klimt u mee?

Taal is als een ladder, waarmee je uit je eigen hoofd kunt klimmen om zo -samen met iemand anders- naar de werkelijkheid te kijken. Dit idee komt niet van mij –taalfilosofen houden zich al eeuwen met dit soort taal/denken/werkelijkheid bezig– maar laatst leerde ik een nieuw woord, waardoor ik zo’n klimtocht kon maken. En nu ik de ladder heb, kan ik u ook via de werkelijkheid terug in mijn hoofd laten klimmen.

De wetenschapper Wilhelm von Humboldt beschreef in de negentiende eeuw deze ‘ladder’-eigenschap van taal al. Volgens hem is taal het orgaan dat de gedachte vormt; taal verandert immers het denken van iets psychisch (geistig) dat in iemands hoofd (innerlich) plaatsvindt tot iets dat van buitenaf (äußerlich) waarneembaar is (wahrnehmbar für die Sinne).* Taal is dan dus een ladder waarmee je van innerlich naar äußerlich kunt gaan en van iets geistiges iets wahrnehmbares für die Sinne kunt maken.

Donald Davidson beschrijft in de jaren 80 iets soortgelijks: voor objectieve kennis heb je volgens hem tenminste twee mensen nodig die met elkaar kunnen praten (taal).** Wanneer je immers in je eentje naar de werkelijkheid kijkt, weet je niet of je die wel echt ziet en wat je ziet. Maar wanneer je met iemand kunt praten over wat je ziet, ‘klim je’ door die taal samen met de ander ‘uit je hoofd’. Hij noemt dit triangulatie***: door de twee visies op de werkelijkheid, deel je de werkelijkheid, waardoor je die weghaalt uit je eigen hoofd.

Taal vormt exact op deze manier de oplossing voor iets waar ik als kind al mee zat. Ik zie namelijk al mijn hele leven iets geks, maar ik kreeg nooit uitgelegd wat. Bestond het wel en wat was het dan voor fenomeen? Nu, dankzij een nieuw stukje taal, heb ik het antwoord gevonden.

Laat ik eerst beschrijven waar het om gaat. Waar ik ook kijk, ik zie altijd overal spikkeltjes. Gekleurde, bewegende spikkeltjes. Een effen witte muur is bij mij bijvoorbeeld strikt genomen nooit helemaal wit, maar bestaat uit draaiende, bijna lichtgevende minivlekjes. In het donker is het nog veel erger. Als ik erop ga letten –zoals nu– is het erg irritant, maar normaal gesproken filteren mijn hersenen de spikkeltjes weg en lijkt een witte muur ook voor mij gewoon effen wit en een donkere kamer gewoon donker.

Als kind waren die spikkeltjes een beetje eng. Het engste vond ik dat niemand die ik dit vertelde begreep waar ik het over had (voor extraverte mensen zoals ik is dat extra vervelend). Zag niemand dit ook –en wat was dit dan?– of zag iedereen dit maar was niemand zich er bewust van (ik kan de spikkeltjes immers ook ‘vergeten’/‘wegdenken’)? Kon ik maar in iemands anders hoofd kijken…

Sinds ik de naam weet voor wat ik zie, kan dat dus. Het verschijnsel heet oogruis of, in het Engels, visual snow. Volgens Wikipedia zou het inderdaad zo kunnen zijn dat iedereen dit ziet, maar dat niet iedereen zich er bewust van is. Verder is er niet zo veel over bekend.

Overigens vind ik oogruis in taalkundig opzicht ook een prachtig woord; door de combinatie van oog– en –ruis. Ruis is immers in de eerste plaats iets dat je hoort en vervolgens heeft ruis door het gebruik voor een verstoring van geluid (denk aan ruis op de radio of bij het bellen) de nieuwe betekenis van een visuele verstoring gekregen. In dit geval is de verstoring direct gekoppeld aan je oog: oogruis. Hierdoor wordt de verschuiving van auditief naar visueel nog mooier zichtbaar.

Ik ben blij met dit woord. Zoals de taalfilosofen beschrijven, weet ik door het woord oogruis dat meer mensen de spikkeltjes zien en wat het is (triangulatie) en door dit woord kan ik iets innerlijks in mijn hoofd naar buiten brengen (gedaan door deze blog). Met behulp van een simulerende website kan ik het zelfs voor iedereen waarneembaar maken: klik hier en zet op 17-3 (vergeet de verschillende achtergronden niet uit te proberen). Doordat ik dit woord gevonden heb, heb ik uit mijn hoofd kunnen klimmen en u even in mijn hoofd laten klimmen.

* “Die Sprache ist das bildende Organ des Gedanken. Die intelectuelle Thätigkeit, durchaus geistig, durchaus innerlich und gewissermaßen spurlos vorübergehend, wird durch den Laut in der Rede äußerlich und wahrnehmbar für die Sinne.”
Humboldt, W. von (1863). Über die Verschiedenheit des menschlichen Sprachbaues und ihren Einfluss auf die geistige Entwicklung des Menschengeschlechts. Berlin: Dümmlers Verlag.
**Davidson, D. (1982). Rational Animals. Dialectica, 36(4), 317-327.
*** In de empirische wetenschap wordt triangulatie ook gezien als maatstaf voor objectiviteit, waarbij er met triangulatie bedoeld wordt dat je gegevens op tenminste twee manieren meet (vgl. uitleg hier).
Het begrip triangulatie komt van de methode om land en dergelijke op te meten, waarbij iets vanuit twee verschillende hoeken gemeten wordt om -met behulp van de derde hoek- fouten uit te sluiten. Het woord verwijst naar de driehoek, die gevormd wordt door de twee meetpunten en datgene wat gemeten wordt.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s